ECLI:NL:RBHAA:2009:BK7177
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A.C. Hofman
- A.J. Wolfs
- S.M. Christiaan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens verjaring van onrechtmatige daad in fraudeschadezaak
Eiser was bestuurder van ICP Weesp, een groothandel in computerproducten, die zaken deed met gedaagde, bestuurder van ICP USA. Gedaagde leverde computeronderdelen via ICP USA aan Nederlandse leveranciers, die deze aan ICP Weesp leverden. Er werd fraude gepleegd door het indienen van facturen met te lage verkoopprijzen bij FedEx, die deze gebruikte voor invoeraangiften, waardoor ICP Weesp onterecht BTW in vooraftrek bracht en Nederlandse leveranciers de BTW niet afdroegen.
Gedaagde werd door de Fiod verhoord en verklaarde de frauduleuze constructie te hebben opgezet, waarbij eiser kennis had van de handelingen. FedEx werd aangeslagen door de Belastingdienst met 121 uitnodigingen tot betaling. Eiser vordert schadevergoeding van gedaagde wegens onrechtmatige daad, omdat hij door FedEx aansprakelijk wordt gesteld voor de schade.
De rechtbank oordeelt dat de Nederlandse rechter bevoegd is en dat de vordering verjaard is op grond van artikel 3:310 lid 1 BW Pro. Eiser was al vóór 14 november 2003 bekend met de schade en de aansprakelijke persoon, maar heeft gedaagde pas in 2008 in rechte betrokken. Eiser heeft de stellingen van gedaagde niet weersproken. Onbekendheid met de verblijfplaats van gedaagde verhindert het instellen van een rechtsvordering niet.
Daarom wijst de rechtbank de vordering van eiser af wegens verjaring en veroordeelt eiser in de proceskosten ten laste van hem.
Uitkomst: De vordering van eiser wordt afgewezen wegens verjaring.