ECLI:NL:RBHAA:2009:BK8601
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- C.E. Heyning-Huydecoper
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid door te laat bezwaar rijbewijsongeldigverklaring
Verzoeker, de algemeen directeur van het CBR, werd bij besluit van 21 september 2009 per aangetekende post geïnformeerd dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard wegens het niet of niet tijdig betalen van de kosten voor een rijvaardigheidsonderzoek. Verzoeker maakte op 10 november 2009 bezwaar tegen dit besluit, nadat hij pas toen ontdekte dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaar te laat is ingediend, aangezien de bezwaartermijn op 2 november 2009 was verstreken. Verzoeker stelde dat hij de aangetekende brieven niet had ontvangen, maar de rechtbank constateerde op basis van bewijsstukken dat de brieven correct waren aangeboden en dat het niet afhalen van aangetekende post voor risico van verzoeker komt.
Daarom werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard en voldeed het verzoek om voorlopige voorziening niet aan het connexiteitsvereiste van artikel 8:81 Awb Pro. Het verzoek werd dan ook afgewezen zonder inhoudelijke behandeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te laat ingediend bezwaar zonder verschoonbare reden.