ECLI:NL:RBHAA:2010:BM0598
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.M. Visser
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet nietig wegens onvoldoende dringende reden en loonbetaling bij ziekte
De werknemer trad op 1 januari 2008 in dienst als betontimmerman en meldde zich op 15 september 2009 ziek wegens rugklachten. De werkgever stopte de loonbetaling vanwege twijfels over de ziekmelding en het niet verschijnen van de werknemer bij gesprekken met de bedrijfsarts. Na diverse contacten en een gipsverband aan de pols, dat de werknemer zelf had veroorzaakt, weigerde hij mee te werken aan re-integratie.
Op 26 november 2009 werd de werknemer op staande voet ontslagen wegens zijn weigering te verschijnen bij de bedrijfsarts. De kantonrechter oordeelde dat geen dringende reden voor ontslag bestond, mede omdat de werknemer al maanden ziek thuis zat en loonbetaling was gestaakt. Het ontslag was daarom nietig.
De werknemer had recht op loondoorbetaling van 7 september tot 26 november 2009, omdat hij zonder geldige reden zijn re-integratieverplichtingen niet was nagekomen. De loonvordering werd toegewezen met wettelijke rente, maar zonder verhoging vanwege de onheuse opstelling van de werknemer. De vordering tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht werd afgewezen. Iedere partij draagt de eigen proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is nietig verklaard en de werkgever is veroordeeld tot loondoorbetaling over 7 september tot 26 november 2009.