ECLI:NL:RBHAA:2010:BM1626
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.E. Patijn
- J.I. de Vreese-Rood
- J.J. Dijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens onvoldoende onderbouwing
Verzoeker heeft bij de rechtbank Haarlem een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter die de hoofdzaak behandelt. Hij stelde dat hij voorafgaand aan de zitting vragen had gesteld aan de kantonrechter waarop hij geen antwoord had ontvangen, wat zijn verdediging zou belemmeren.
De kantonrechter ontkende dat verzoeker haar vragen had gesteld en gaf aan dat verzoeker mogelijk het Openbaar Ministerie en de rechtbank door elkaar haalde. Tijdens de zitting van de wrakingskamer was verzoeker niet verschenen om zijn verzoek nader toe te lichten.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek onvoldoende was onderbouwd en dat de feiten en omstandigheden geen aanwijzing gaven dat de rechterlijke onpartijdigheid zou zijn geschaad. Verzoeker had tijdens de hoofdzaak zitting zijn vragen kunnen stellen en ook eventuele onbeantwoorde vragen van het Openbaar Ministerie aan de orde kunnen stellen.
De rechtbank wees het verzoek af en stelde dat een volgend wrakingsverzoek in deze zaak niet in behandeling zal worden genomen vanwege kennelijk misbruik van het wrakingsrecht. Het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet zoals het was ten tijde van het verzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en kennelijk misbruik van het wrakingsrecht.