ECLI:NL:RBHAA:2010:BM2271
Rechtbank Haarlem
- Verzet
- F.M. Visser
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen verstekvonnis huurachterstand en gebruiksvergoeding na ontruiming
De zaak betreft een verzetprocedure tegen een verstekvonnis van 14 november 2002, waarbij de huurovereenkomst werd ontbonden en [opposant] werd veroordeeld tot betaling van huurachterstand, rente, buitengerechtelijke kosten en een gebruiksvergoeding na ontruiming.
Na gedwongen ontruiming in maart 2003 werd het verstekvonnis pas in 2009 aan [opposant] betekend, waarna hij tijdig verzet instelde. De kantonrechter oordeelt dat het verzet ontvankelijk is en dat de vordering tot betaling van de huurachterstand niet verjaard is, maar de vordering tot gebruiksvergoeding wel, omdat hiervoor een kortere verjaringstermijn geldt.
Verder staat ter discussie of de huurovereenkomst rechtsgeldig is opgezegd per 30 mei 2000. [opposant] krijgt de gelegenheid bewijs te leveren dat de huurovereenkomst toen is geëindigd, wat gevolgen kan hebben voor de hoogte van de verschuldigde huur.
De kantonrechter wijst op het ontbreken van een schadebeperkingsplicht voor de verhuurder bij huurbetalingsvorderingen, maar sluit niet uit dat in uitzonderlijke gevallen matiging op grond van redelijkheid en billijkheid mogelijk is. Partijen worden aangemoedigd tot schikking.
De zitting voor bewijslevering wordt vastgesteld op 13 juli 2010, waarna verdere beslissing volgt.
Uitkomst: Verzet deels gegrond verklaard, gebruiksvergoeding verjaard, bewijsopdracht over opzegging huurovereenkomst gegeven.