ECLI:NL:RBHAA:2010:BM9751
Rechtbank Haarlem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding ouders minderjarige verdachte wegens ontbreken terechtzitting
De ouders van een minderjarige verdachte hebben verzocht om vergoeding van kosten die zij hebben gemaakt in verband met de strafzaak tegen hun zoon, waaronder reiskosten, tijdverzuim en kosten van een raadsman. De strafzaak betrof een periode waarin hun zoon in voorlopige hechtenis zat, maar is geëindigd zonder dat een terechtzitting heeft plaatsgevonden.
De rechtbank Haarlem oordeelt dat op grond van artikel 591a, derde lid, jo artikel 90 Sv Pro, ouders alleen aanspraak kunnen maken op vergoeding van kosten indien zij zijn opgeroepen voor de terechtzitting op grond van artikel 496, eerste lid, Sv. In deze zaak zijn de ouders niet opgeroepen omdat de strafzaak is geseponeerd zonder zitting.
Daarom komen de gevraagde kosten die betrekking hebben op de fase van de voorlopige hechtenis en voorafgaand aan een terechtzitting niet voor vergoeding in aanmerking. De rechtbank acht geen gronden aanwezig die toekenning van vergoeding rechtvaardigen en wijst het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van kosten door de ouders van de minderjarige verdachte wordt afgewezen omdat geen terechtzitting heeft plaatsgevonden.