ECLI:NL:RBHAA:2010:BN3472
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn bij bezwaarprocedure
Eiser maakte bezwaar tegen een besluit van verweerder over de aflossing van een restschuld van teveel ontvangen wachtgeld. Verweerder reageerde pas na ruim drieënhalf jaar en besloot het bezwaar niet verder te behandelen.
De rechtbank stelt vast dat de redelijke termijn voor de behandeling van het bezwaar is overschreden met ruim twee jaar, zonder bijzondere omstandigheden die dit rechtvaardigen. Hoewel eiser lang in onzekerheid verkeerde, is hij niet ernstig geschaad omdat hij gedurende die periode geen aflossingen hoefde te doen.
De rechtbank bepaalt dat verweerder aansprakelijk is voor immateriële schade wegens de overschrijding en stelt de schadevergoeding vast op €350,-. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht. Het beroep van eiser tegen de inhoudelijke beslissing wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van €350,- schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn, terwijl het beroep inhoudelijk wordt afgewezen.