ECLI:NL:RBHAA:2010:BN3581

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
4 augustus 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
460133 CV EXPL 10-3864
Instantie
Rechtbank Haarlem
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling reparatiekosten auto ondanks betwisting rechtsverhouding

Eiseres, een besloten vennootschap, vordert betaling van reparatiekosten voor een auto die op naam van een privé persoon staat, maar waarvan de facturen steeds aan gedaagde zijn gesteld en door de privé persoon zijn voldaan.

Gedaagde betwist de vordering en stelt dat geen rechtsverhouding bestaat omdat de auto niet op haar naam staat en de facturen door de privé persoon zijn betaald. De rechtbank oordeelt echter dat door het zonder protest behouden van de facturen gedaagde de betalingsverplichtingen heeft aanvaard.

De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van de openstaande factuur en de contractuele rente vanaf de dag van dagvaarding tot betaling. Ook worden de proceskosten aan gedaagde opgelegd omdat zij aanleiding gaf tot de procedure.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde is afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande factuur, contractuele rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector kanton
Locatie Haarlem
zaak/rolnr.: 460133/ CV EXPL 10-3864
datum uitspraak:4 augustus 2010
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[XXX] HEEMSTEDE B.V.
te [woonplaats]
eiseres
hierna te noemen [eiseres]
gemachtigde Gerechtsdeurwaarderskantoor Mellema B.V.
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[YYY] VASTGOED B.V.
te [woonplaats]
gedaagde
hierna te noemen [gedaagde]
vertegenwoordi[ZZZ]
De procedure
[eiseres] heeft [gedaagde] gedagvaard op 16 maart 2010. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord.
Nadat de kantonrechter had beslist dat de zaak zich niet leent voor een comparitie van partijen na antwoord, heeft [eiseres] schriftelijk op het antwoord gereageerd, waarbij zij haar vordering heeft verminderd. Daarna heeft [gedaagde] nog een schriftelijke reactie gegeven.
De feiten
1. Op 6 juli 200[ZZZ] (hierna: [ZZZ]) van [eiseres] een personenauto gekocht.
2. [eiseres] heeft vanaf 13 november 2008 de kosten van door haar aan de auto van [ZZZ] verrichte werkzaamheden gefactureerd aan [gedaagde]. De facturen zijn steeds door [ZZZ] voldaan.
3. Bij factuur van 12 augustus 2009 heeft [eiseres] aan [gedaagde] een bedrag van € 1.950,84 inclusief btw in rekening gebracht voor “schade herstel”.
4. Ondanks aanmaningen, gericht aan [gedaagde] t.a.v. [ZZZ], is betaling van de factuur uitgebleven.
5. Op 23 maart 2010 heeft [ZZZ] een bedrag van € 2.194,73 aan de gemachtigde van [eiseres] voldaan.
De vordering
[eiseres] vordert, na vermindering van eis, (samengevat) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de contractuele rente van 9% over € 1.950,00 gerekend vanaf 16 maart 2010 tot aan de dag der algehele voldoening, alsmede veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten. [eiseres] legt aan de verminderde vordering ten grondslag dat [gedaagde], door ondanks aanmaningen in gebreke te blijven de factuur van 21 augustus 2009 te voldoen, de contractuele rente van 9% per jaar verschuldigd is. Aangezien eerst na uitbrenging van de dagvaarding het opeisbare bedrag van € 2.194,73 is voldaan, komen de proceskosten voor rekening van [gedaagde].
Het verweer
[gedaagde] betwist de (verminderde) vordering. Zij voert aan geen rechtsverhouding met [eiseres] te hebben. De auto staat op naam van [ZZZ] in privé en [ZZZ] heeft ook altijd de rekeningen betaald. [ZZZ] verkeerde in de veronderstelling dat de factuur door haar verzekeraar aan [eiseres] was voldaan, hetgeen echter niet het geval bleek te zijn.
De beoordeling van het geschil
Vast staat dat vanaf 13 november 2008 [eiseres] haar facturen op naam van [gedaagde] heeft gesteld. Voorts staat vast dat deze facturen steeds zijn voldaan. Hieruit volgt dat [gedaagde] tot betaling van de openstaande factuur kan worden aangesproken. Immers,
door de facturen zonder protest te behouden heeft [gedaagde] de hieruit voortvloeiende betalingsverplichtingen aanvaard. [gedaagde] heeft weliswaar aangevoerd dat zij meerdere malen zou hebben verzocht de facturen wederom op naam van [ZZZ] te stellen, maar nu zij heeft verzuimd deze stelling met stukken nader te onderbouwen, moet dit verweer als onvoldoende gemotiveerd worden verworpen.
Ook het feit dat de facturen steeds door [ZZZ] in privé zijn voldaan, maakt het vorenstaande niet anders. Immers niet gesteld of gebleken is dat [ZZZ] (al dan niet privé) voor [gedaagde] geen betalingen zou mogen verrichten.
Uit het vorenstaande volgt dat de vordering van [eiseres] voor toewijzing gereed ligt.
Nu [gedaagde] aanleiding heeft gegeven tot het starten van de procedure, dienen ook de proceskosten voor haar rekening te komen.
De beslissing
De kantonrechter:
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiseres] van de contractuele rente ad 9% per jaar over € 1.950,84 vanaf 16 maart 2010 tot 23 maart 2010;
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van [eiseres] tot en met vandaag worden begroot op de volgende bedragen:
dagvaarding € 73,89
vastrecht € 208,00
salaris gemachtigde € 300,00;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Pott Hofstede en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.