ECLI:NL:RBHAA:2010:BN3828
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.A. Fase
- J.H. Hoekstra
- T.A. de Hek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepassing MKB-winstvrijstelling bij voorkoming dubbele belasting 2007
De zaak betreft een geschil over de toepassing van de MKB-winstvrijstelling bij de berekening van de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting in 2007, waarbij eiser winst behaalde via een vaste inrichting in het Verenigd Koninkrijk.
Eiser betoogde dat de MKB-winstvrijstelling alleen in mindering mocht worden gebracht op het wereldinkomen (noemer) en niet op de buitenlandse winst (teller). Verweerder stelde dat de vrijstelling zowel op de teller als de noemer in mindering komt, conform artikel 3.79a Wet IB 2001.
De rechtbank concludeerde dat de wettelijke bepalingen en beleidsbesluiten duidelijk maken dat de MKB-winstvrijstelling zowel de teller als de noemer van de voorkomingsbreuk vermindert. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard. Tevens werd geoordeeld dat er geen strijd is met non-discriminatiebepalingen van het EG-Verdrag.
De rechtbank wees erop dat het goedkeuringsbesluit van 2005 specifiek ziet op de ondernemersaftrek en niet op de MKB-winstvrijstelling, en dat een extensieve uitleg hiervan niet gerechtvaardigd is. Het beroep op algemene beginselen van behoorlijk bestuur en gelijkheidsbeginsel faalde eveneens. De uitspraak werd op 13 augustus 2010 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de MKB-winstvrijstelling zowel in mindering komt op het wereldinkomen als op de buitenlandse winst.