ECLI:NL:RBHAA:2010:BN8276
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- A.J. van der Meer
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake beslaglegging ter verzekering van vordering in pachtgeschil
Verzoekers hebben een vordering op verweerders in verband met niet-betaalde pachtsommen en schade door verwaarlozing van het gepachte. Verzoekers wensen ter verzekering van deze vordering beslag te leggen onder zichzelf op hetgeen zij aan verweerders verschuldigd zijn.
De voorzieningenrechter acht de vordering van verzoekers voldoende deugdelijk en verleent verlof tot beslaglegging, maar verbindt daaraan de voorwaarde dat verzoekers zekerheid stellen in de vorm van een bankgarantie conform het Rotterdams model. Dit vanwege het risico dat verweerders hun vordering niet betaald krijgen indien verzoekers failleren, en de mogelijkheid dat de vordering van verzoekers ondeugdelijk blijkt.
De pachtrelatie tussen partijen is complex, met meerdere overeenkomsten en goedkeuringen door de Grondkamer Noordwest, en een lopende procedure over de looptijd van de pachtovereenkomst. De voorzieningenrechter acht aannemelijk dat de pachtrelatie per 1 maart 2009 is geëindigd en dat verweerders het gepachte hadden moeten ontruimen. Tevens is de waardevermindering van het gepachte door verwaarlozing en marktontwikkelingen voldoende aannemelijk gemaakt.
Het beslag wordt begroot op €153.776,10, inclusief rente en kosten, en het hoofdgeding dient binnen 14 dagen na beslaglegging aanhangig gemaakt te worden. De beslissing is genomen door mr. A.J. van der Meer en in het openbaar uitgesproken op 27 augustus 2010.
Uitkomst: Verzoekers krijgen verlof tot beslaglegging onder zichzelf onder de voorwaarde van het stellen van een bankgarantie.