ECLI:NL:RBHAA:2010:BO2077
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.S.N. Nasrullah-Oemar
- H.A.M. Röell-Mulder
- T.A. de Hek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie WAZ wegens vermoedelijke inkomsten uit drugshandel
De rechtbank Haarlem heeft uitspraak gedaan over de navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) voor de jaren 2001, 2003 en 2004. De inspecteur had deze aanslagen opgelegd op basis van een vermoeden dat eiser betrokken was bij de handel in verdovende middelen en daardoor niet aangegeven inkomsten had genoten.
Het onderzoek van de FIOD-ECD, waaronder tapgesprekken, observaties en doorzoekingen, leverde aanwijzingen op dat eiser gebruik maakte van luxe goederen en aanzienlijke contante uitgaven deed die niet verklaard konden worden uit zijn opgegeven inkomen. Eiser ontkende inkomsten te hebben genoten in de betreffende jaren en stelde te leven van inkomsten uit de periode vóór 1994, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De rechtbank oordeelde dat het vermoeden van inkomsten uit drugshandel niet was ontzenuwd en dat de correcties op het inkomen in box 1 en de rentecorrectie terecht waren toegepast. Ook werd geoordeeld dat de ontnemingsvordering niet als schuld in box 3 kon worden geaccepteerd. De beroepen van eiser tegen de aanslagen en heffingsrente werden ongegrond verklaard, terwijl de beroepen tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar niet-ontvankelijk werden verklaard. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie WAZ over 2001, 2003 en 2004 zijn terecht opgelegd; beroepen van eiser worden ongegrond verklaard.