ECLI:NL:RBHAA:2010:BO6428
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen binnenplanse ontheffing bouwplan opslagruimte
Verzoeker, exploitant van een tuincentrum, maakte bezwaar tegen een bouwvergunning en binnenplanse ontheffing die aan een derde partij was verleend voor het oprichten van een opslagruimte met ondergrondse parkeervoorzieningen. Verzoeker stelde dat de gemeente niet de juiste procedure had gevolgd en dat het besluit onzorgvuldig was, met onvoldoende belangenafweging, met name ten aanzien van verkeersveiligheid en bereikbaarheid.
De voorzieningenrechter constateerde dat de gemeente de procedurele regels uit de planvoorschriften niet volledig had gevolgd, met name het niet betrekken van de zienswijze van verzoeker. Desondanks oordeelde de rechter dat dit geen reden was om de ontheffing te schorsen, mede omdat de ontheffing betrekking had op een deel van het bouwplan waartegen geen grieven waren ingebracht.
Verder werd overwogen dat het bestemmingsplan zelf geen belemmering vormde voor de in- en uitritvoorzieningen en dat de verkeerssituatie adequaat was beoordeeld. Ook het positieve welstandsadvies werd als deugdelijk beschouwd. De voorzieningenrechter concludeerde dat de belangenafweging en veiligheidssituatie geen aanleiding gaven tot schorsing en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de binnenplanse ontheffing en bouwvergunning wordt afgewezen.