ECLI:NL:RBHAA:2010:BO9243
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering voortzetting arbeidsovereenkomst voorzitter College van Bestuur
De zaak betreft een geschil over de voortzetting van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van een voorzitter van een College van Bestuur, die volledig arbeidsongeschikt is geraakt door een herseninfarct. De arbeidsovereenkomst was voor de duur van één jaar aangeboden als eerste dienstverband bij wijze van proef. De werknemer vorderde voortzetting van de arbeidsovereenkomst op grond van redelijkheid en billijkheid en subsidiair een schadevergoeding wegens slecht werkgeverschap.
De kantonrechter stelt vast dat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt en dat de werknemer het risico van niet-verlenging heeft aanvaard door het aanbod te accepteren. De redelijkheid en billijkheid kunnen niet als zelfstandige grondslag dienen voor voortzetting. De werkgever heeft de niet-verlenging tijdig en gemotiveerd meegedeeld, waarbij de arbeidsongeschiktheid en de continuïteit van het bestuur een rol speelden.
De stelling van de werknemer dat hij wegens arbeidsongeschiktheid geen kans heeft gekregen zich te bewijzen wordt verworpen; een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is geen proeftijd. Hoewel de werkgever niet heeft gefaald in het motiverings- en zorgvuldigheidsbeginsel, is vastgesteld dat de werkgever niet heeft gefaciliteerd in re-integratie toen de werknemer hiertoe in staat was. Dit onzorgvuldige handelen leidt echter niet tot toewijzing van de schadevergoeding wegens ontbreken van causaal verband.
De vorderingen worden afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot voortzetting van de arbeidsovereenkomst en de subsidiaire schadevergoeding worden afgewezen.