ECLI:NL:RBHAA:2010:BO9378
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens voorlopige hechtenis drugsmokkel niet onverwijld en te vergaand
Werkneemster [A.] werd op 20 april 2010 aangehouden en in voorlopige hechtenis gesteld op verdenking van drugsmokkel. Haar werkgever KCS heeft haar ontslagen op staande voet per 7 juni 2010. De kantonrechter oordeelt dat het ontslag niet onverwijld is gegeven, aangezien de werkgever ruim zeven weken heeft gewacht zonder voldoende rechtvaardiging. Tevens is het ontslag onder de gegeven omstandigheden te vergaand.
De kantonrechter stelt dat KCS na de aanhouding het loon had kunnen stopzetten en de verdere strafzaak had kunnen afwachten, omdat werkneemster door detentie niet beschikbaar was voor werkzaamheden en er dus geen loon verschuldigd was. Deze handelwijze had ook de mogelijkheid opengehouden voor werkneemster om informatie te verstrekken.
De vordering tot wedertewerkstelling wordt afgewezen vanwege ontbinding van de arbeidsovereenkomst per 4 november 2010. Wel wordt KCS veroordeeld tot betaling van het salaris vanaf 16 augustus 2010 tot 4 november 2010, met wettelijke rente. De kantonrechter verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst overige voorzieningen af.
Uitkomst: Ontslag op staande voet niet onverwijld en te vergaand, werkgever moet salaris betalen tot einde dienstverband.