ECLI:NL:RBHAA:2010:BQ6290
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en derdenwerking exoneratiebeding bij schade door bronbemaling en ontgraving
In deze civiele procedure staat de aansprakelijkheid centraal voor schade aan het pand van Garage Wester veroorzaakt door bronbemaling en ontgraving uitgevoerd door Gabo en Borsboom. Deskundigen concludeerden dat de schade voortkomt uit het onvoldoende gebruik van methoden om de invloed van de bronbemaling te beperken, waarvoor Gabo verantwoordelijk wordt gehouden.
Sakko wordt door Wester niet langer aansprakelijk gehouden, waardoor haar vorderingen jegens Sakko worden afgewezen. Borsboom wordt niet aansprakelijk geacht omdat haar werkzaamheden beperkt waren tot levering en onderhoud van apparatuur, en zij Gabo heeft gewaarschuwd voor risico's bij bronbemaling in veenlagen.
Gabo erkent niet aansprakelijk te zijn, wijst naar Borsboom en Sakko, en beroept zich op een exoneratiebeding in de overeenkomst met Sakko dat volgens haar ook derdenwerking heeft jegens Wester. De rechtbank stelt Wester in de gelegenheid om op dit verweer te reageren, waarna verdere beslissing wordt aangehouden.
De vrijwaringsvorderingen van Sakko jegens Gabo en Borsboom en van Borsboom jegens Gabo worden afgewezen wegens het afwijzen van de hoofdvorderingen tegen Sakko en Borsboom. Proceskosten worden toegewezen aan de in het ongelijk gestelde partijen. De zaak wordt verwezen naar een volgende rolzitting voor nadere behandeling van de derdenwerking van het exoneratiebeding.
Uitkomst: Gabo wordt aansprakelijk gehouden voor schade aan Garage Wester; vorderingen tegen Sakko en Borsboom worden afgewezen; derdenwerking exoneratiebeding wordt nader onderzocht.