ECLI:NL:RBHAA:2011:BP6003
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid vaststellingsovereenkomst en heffingsrente bij certificaten aandelen
Eiser ontving een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over 2004, waarbij ook heffingsrente werd berekend. Na bezwaar en langdurige onderhandelingen sloten partijen een vaststellingsovereenkomst over de waarde van certificaten aandelen en het jaar van heffing. Eiser stelde dat deze overeenkomst verweerder belette heffingsrente in rekening te brengen en voerde subsidiair aan dat de heffingsrente verlaagd moest worden.
De rechtbank stelde vast dat de vaststellingsovereenkomst enkel de waarde van de certificaten en het heffingsjaar betrof, en niet de heffingsrente. De wettelijke bepalingen omtrent heffingsrente blijven derhalve van toepassing. Het beroep op dwaling faalde omdat eiser, bijgestaan door een deskundige, zich bewust had moeten zijn van de wettelijke heffingsrente. Ook werd geen onzorgvuldig handelen door verweerder vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsrente correct was berekend over de juiste periode en dat de aanslag ambtshalve was verminderd, waardoor het beroep gegrond werd verklaard. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het beroep op verlaging van de heffingsrente werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vermindert de aanslag en heffingsrente overeenkomstig de ambtshalve vaststelling.