ECLI:NL:RBHAA:2011:BP7877
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.J. Udo de Haes
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbindingsverzoek arbeidsovereenkomst gezagvoerder bij Transavia
Werknemer is sinds 1986 in dienst bij Transavia als gezagvoerder en bekleedde daarnaast nevenfuncties, waaronder Hoofd Vliegdienst en later Hoofd Operational Control Centre (OCC). In juni 2010 zijn tussen werknemer en de toenmalige algemeen directeur van Transavia afspraken gemaakt over een beschermingsclausule die een eenmalige vergoeding van €345.000 bruto toekent bij beëindiging van de nevenfunctie Hoofd OCC, ook als die voortvloeit uit het vertrek van de algemeen directeur.
Na het vertrek van de algemeen directeur in november 2010 heeft werknemer aanspraak gemaakt op deze vergoeding en zijn nevenfunctie beëindigd. Transavia stelde werknemer op non-actief en verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens onherstelbare vertrouwensbreuk, verwijtend dat werknemer misbruik maakte van zijn positie en oneigenlijke druk uitoefende.
De kantonrechter oordeelt dat de totstandkoming en inhoud van de aanvullende overeenkomst, alsmede de wijze waarop werknemer deze heeft ingeroepen, niet in deze procedure met voldoende zekerheid kunnen worden beoordeeld. Gezien de complexiteit en de noodzaak van een gedegen onderzoek met alle proceswaarborgen, is deze ontbindingsprocedure niet geschikt.
Verder is vastgesteld dat werknemer een onbesproken staat van dienst heeft als gezagvoerder en dat het voortzetten van zijn hoofdfunctie geen belemmering vormt. Het verzoek tot ontbinding wordt daarom afgewezen en de vraag over terugbetaling van de vergoeding blijft open voor nader onderzoek. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van onherstelbare vertrouwensbreuk.