ECLI:NL:RBHAA:2011:BP7994
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering terugbetaling studiekosten werknemer aan werkgever
De werknemer was tot mei 2010 in dienst bij de werkgever als systeembeheerder. Partijen sloten in 2005 een studieovereenkomst waarbij studiekosten van in totaal €9.800,- werden vastgelegd, die bij het niet slagen of beëindigen van de arbeidsovereenkomst direct opeisbaar zouden zijn. De werkgever vorderde betaling van resterende studiekosten van €7.067,37, terwijl de werknemer betwistte de overeenkomst te hebben ondertekend en stelde dat de looptijd was verstreken.
De werknemer stelde tevens vorderingen in reconventie in voor betaling van loon en vakantietoeslag over april 2010, die de werkgever had verrekend met de studiekosten. De kantonrechter oordeelde dat de handtekening van de werknemer onder de studieovereenkomst voldoende was vastgesteld, maar dat de strekking van de overeenkomst was dat de werknemer de opgedane kennis in het bedrijf zou toepassen. Omdat de werknemer tot mei 2010 werkzaam was en alle examens behalve de scriptie had afgerond, was aan deze strekking voldaan.
De kantonrechter concludeerde dat de werkgever geen recht had op terugbetaling van studiekosten bij het einde van het dienstverband en wees de vordering af. De vorderingen van de werknemer tot betaling van loon en vakantietoeslag werden toegewezen, inclusief wettelijke rente, omdat de werkgever ten onrechte had verrekend. De proceskosten werden aan de werkgever opgelegd, met een beperkte vergoeding voor de werknemer wegens eigen optreden.
Uitkomst: De vordering tot terugbetaling van studiekosten wordt afgewezen; de werknemer krijgt loon en vakantietoeslag toegewezen.