ECLI:NL:RBHAA:2011:BQ0987
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wegens ontbreken nieuw feit
Eiseres, een vennootschap, deed begin december 2009 aangifte vennootschapsbelasting (vpb) 2007 met een onjuist tijdvak. Verweerder kon deze aangifte niet verwerken en verzocht om een nieuwe aangifte, die op 31 december 2009 werd ingediend met het juiste belastbaar bedrag. Op 9 januari 2010 legde verweerder een ambtshalve aanslag op van € 2.000, gebaseerd op een eerdere voorlopige aanslag, en op 30 januari 2010 een navorderingsaanslag van € 77.384.
De rechtbank beoordeelde of de navordering was toegestaan op grond van artikel 16 lid 2 letter Pro c AWR, dat navordering toestaat indien een aanslag te laag is vastgesteld door een fout waarvan de belastingplichtige redelijkerwijs op de hoogte was, mits de aanslag na 31 december 2009 is vastgesteld. Verweerder stelde dat de dagtekening van de aanslag bepalend was, maar de rechtbank concludeerde dat de inhoudelijke vaststelling van de aanslag al vóór die datum plaatsvond, omdat het geautomatiseerde traject twee tot drie weken eerder was gestart.
Omdat de aanslag vóór 31 december 2009 was vastgesteld, kon verweerder zich niet beroepen op de gewijzigde navorderingsregeling. Bovendien ontbrak een nieuw feit dat navordering rechtvaardigde. De rechtbank oordeelde dat geen sprake was van een schrijf- of tikfout en dat het gevolg van de gekozen werkwijze van verweerder voor zijn rekening kwam. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en de navorderingsaanslag vernietigd.
Uitkomst: De navorderingsaanslag vennootschapsbelasting 2007 is vernietigd wegens ontbreken van een nieuw feit en omdat de aanslag vóór 31 december 2009 was vastgesteld.