ECLI:NL:RBHAA:2011:BQ4741
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering machtiging gebruik vermogen minderjarige ter voorziening levensonderhoud
De vader van een minderjarig kind verzocht de kantonrechter om geen machtiging te verlenen voor het gebruik van het vermogen van zijn kind ter voorziening in het levensonderhoud van hemzelf en het kind. Het vermogen betreft een bedrag van ongeveer €21.492,23, afkomstig uit een erfenis van de grootmoeder van het kind, dat op een spaarrekening staat.
De vader is wegens gezondheidsproblemen niet in staat te werken en heeft een uitkering aangevraagd bij de gemeente, die deze afwees vanwege het gezamenlijke vermogen boven de vermogensgrens. De vader wilde met een machtiging van de kantonrechter over het vermogen van het kind kunnen beschikken om in het levensonderhoud te voorzien.
De kantonrechter oordeelde dat het niet in het belang van de minderjarige is om de vader deze machtiging te verlenen, mede omdat het geld bedoeld is voor toekomstige studie van het kind. Daarom werd het verzoek toegewezen om geen machtiging te verlenen, zodat het vermogen niet gebruikt mag worden voor het levensonderhoud van de vader en het kind.
Uitkomst: De kantonrechter verleent geen machtiging aan de vader om het vermogen van de minderjarige te gebruiken voor het levensonderhoud van beiden.