ECLI:NL:RBHAA:2011:BQ4746
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst wegens onvoldoende vastgesteld disfunctioneren werknemer
Vomar Voordeelmarkt B.V. verzocht de ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar werknemer, sectorchef sinds 2003, primair wegens een dringende reden en subsidiair wegens veranderde omstandigheden. Vomar stelde dat de werknemer niet naar behoren functioneerde ondanks herhaalde waarschuwingen en overplaatsingen. De werknemer betwistte de aantijgingen en stelde dat het verzoek gebaseerd was op oude en niet onderbouwde klachten, en dat het feitelijk om kostenbesparing ging.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende feiten zijn gesteld die een dringende reden vormen en dat het functioneren van de werknemer in 2009 en 2010 onvoldoende onderbouwd slecht was. Er ontbraken verslagen van functionerings- en beoordelingsgesprekken die tekortkomingen concreet maakten. Ook bleek niet dat de werknemer voldoende begeleiding, opleiding of training had ontvangen om zijn functioneren te verbeteren.
Daarom concludeerde de kantonrechter dat er geen gewichtige redenen waren om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Het verzoek werd afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van gedegen onderbouwing van disfunctioneren en het bieden van passende begeleiding door de werkgever.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van disfunctioneren en onvoldoende gebleken begeleiding.