ECLI:NL:RBHAA:2011:BQ6508
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling winstuitdeling en onzakelijke lening tussen dga en vennootschap
De zaak betreft een dga die in privé aandelen heeft gekocht met geleend geld van zijn vennootschap. De lening werd in 2006 notarieel vastgelegd, maar de rechtbank oordeelt dat deze lening onzakelijke voorwaarden bevatte waardoor sprake is van een winstuitdeling van €1.500.000 aan de dga.
De rechtbank stelt vast dat de lening geen schijnhandeling is, omdat de rekening-courantverhouding al jaren bestond en de lening schriftelijk werd vastgelegd. Wel is de lening onzakelijk omdat de vennootschap geen zekerheid heeft geëist terwijl het risico op niet-terugbetaling reëel was, mede door de dalende waarde van de aandelen.
De rechtbank wijst het verweer van de dga af dat hij over voldoende vermogen beschikte om de schuld af te lossen. Ook is het niet aannemelijk dat de vennootschap en dga voornemens waren de schuld daadwerkelijk terug te vorderen. De rechtbank verklaart het beroep gegrond voor zover het de boete betreft en vernietigt deze wegens gebrek aan bewijs van opzet. De aanslag en heffingsrente worden gehandhaafd.
De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Tegen dit vonnis staat hoger beroep open bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De lening is onzakelijk en leidt tot winstuitdeling, maar de opgelegde boete wegens opzet wordt vernietigd.