ECLI:NL:RBHAA:2011:BR0191
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.M. Ludwig
- A.C. Terwiel-Kuneman
- L. Beijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vrijstelling uitbreiding stortcapaciteit wegens onjuiste belangenafweging
De rechtbank Haarlem heeft op 21 juni 2011 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende de vrijstelling op grond van artikel 19, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) voor het uitbreiden van de stortcapaciteit van een stortplaats in Zaanstad. De vrijstelling maakte het mogelijk om twee stortheuvels te verhogen, waardoor de capaciteit met circa 3,5 miljoen m³ toenam en de stortplaats naar verwachting tot 2025 open kon blijven.
Eiser betoogde dat de belangenafweging onjuist was, omdat de recreatieve eindbestemming die in het bestemmingsplan was opgenomen door de uitbreiding ver vooruit werd geschoven, waardoor deze bestemming voor een lange tijd feitelijk niet gerealiseerd zou worden. De rechtbank oordeelde dat de belangenafweging inderdaad onvoldoende rekening hield met de actuele belangen van omwonenden en andere belanghebbenden, waardoor de recreatieve bestemming voor een aanzienlijke tijd een dode letter werd.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Tevens werd het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad veroordeeld tot vergoeding van redelijke proceskosten van eiser, waaronder reiskosten voor openbaar vervoer. Het hoger beroep staat open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot vrijstelling voor uitbreiding van de stortcapaciteit is vernietigd wegens een onjuiste belangenafweging.