ECLI:NL:RBHAA:2011:BR3557
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.C.M. Rutten
- J. Snitker
- J.N.A. Jolink
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs voor opzettelijke invoer cocaïne via koffer
De rechtbank Haarlem behandelde op 23 mei 2011 de zaak tegen een verdachte die werd verdacht van het opzettelijk invoeren van circa 19.923,6 gram cocaïne via Schiphol. De verdachte voerde aan dat zij een koffer voor een derde vervoerde met Mexicaanse artefacten en dat zij niet op de hoogte was van de aanwezigheid van cocaïne in de koffer. De rechtbank nam aan dat er mogelijk sprake was van verwisseling van koffers na het inchecken, zonder dat de verdachte hiervan kennis droeg.
De officier van justitie betoogde dat het reisverhaal van de verdachte buitenissig was en veel vragen opriep, mede gezien haar financiële positie. Desondanks oordeelde de rechtbank dat dit onvoldoende bewijs vormde voor wetenschap van de cocaïne. Er was geen onderzoek gedaan naar betrokkenheid van de verdachte bij het inpakken van de cocaïne.
De rechtbank verklaarde het ten laste gelegde bestanddeel 'opzettelijk' niet bewezen en sprak de verdachte vrij. Wel werd de koffer onttrokken aan het verkeer vanwege de betrokkenheid bij de invoer van cocaïne. Het geldbedrag van 2450 euro werd aan de verdachte teruggegeven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken bewijs van opzettelijke invoer van cocaïne.