ECLI:NL:RBHAA:2011:BT2279

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
31 augustus 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
504860-CV EXPL 11-4105
Instantie
Rechtbank Haarlem
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering wegens ontbreken van overeenkomst tot levering energie

De Nederlandse Energie Maatschappij (NEM) vordert betaling van kosten voor geleverde gas en elektriciteit aan gedaagde over de periode december 2008. Gedaagde betwist het bestaan van een overeenkomst en stelt nooit tarieven te hebben ontvangen. NEM baseert haar vordering op een telefonische overeenkomst, ondersteund door een voicelog, en stelt dat zij een schriftelijke bevestiging met algemene voorwaarden heeft verzonden.

De rechtbank oordeelt dat uit de voicelog zonder nadere toelichting geen overeenkomst kan worden afgeleid. NEM heeft niet gesteld op welke datum en onder welke voorwaarden de overeenkomst zou zijn gesloten, waardoor de essentialia ontbreken. Ook is de schriftelijke bevestiging niet in het geding gebracht, zodat niet kan worden vastgesteld dat deze aan gedaagde is verzonden.

Daarmee is onvoldoende komen vast te staan dat partijen een overeenkomst tot levering van energie zijn aangegaan. De vordering wordt daarom afgewezen en NEM wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Gedaagde wordt niet in de proceskosten veroordeeld vanwege het ontbreken van professionele bijstand.

Uitkomst: De vordering van NEM wordt afgewezen wegens het ontbreken van bewijs voor het sluiten van een overeenkomst tot levering van energie.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector kanton
Locatie Haarlem
zaak/rolnr.: 504860 / CV EXPL 11-4105
datum uitspraak: 31 augustus 2011
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DE NEDERLANDSE ENERGIE MAATSCHAPPIJ B.V.
te Rotterdam
eiseres
hierna te noemen NEM
gemachtigde Van Arkel gerechtsdeurwaarders
tegen
[gedaagde]
te [woonplaats]
gedaagde
hierna te noemen [gedaagde]
procederend in persoon
De procedure
NEM heeft [gedaagde] gedagvaard op 16 maart 2011. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord.
Nadat de kantonrechter had beslist dat de zaak zich niet leent voor een comparitie van partijen na antwoord, heeft NEM schriftelijk op het antwoord gereageerd en haar vordering verminderd, waarna [gedaagde] nog een schriftelijke reactie, met producties, heeft gegeven.
De feiten
1. NEM heeft in de periode van 2 tot 31 december 2008 gas en elektriciteit aan [gedaagde] geleverd ten behoeve van het perceel [adres] te [woonplaats].
2. Op 23 januari 2009 heeft [gedaagde] € 134,00 aan NEM betaald.
3. Op 16 februari 2009 heeft NEM een eindafrekening gestuurd aan [gedaagde] voor een totaalbedrag van € 381,66.
De vordering
NEM vordert (samengevat en na vermindering van eis) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 210,12, te vermeerderen met rente en kosten. De vordering bestaat uit € 106,66 aan hoofdsom, € 28,46 aan rente en € 75,00 aan buitengerechtelijke incassokosten. NEM legt aan de vordering ten grondslag dat partijen een overeenkomst hebben gesloten op grond waarvan NEM gas en elektriciteit heeft geleverd aan [gedaagde]. [gedaagde] is tekort geschoten in de nakoming van zijn betalingsverplichtingen [gedaagde] heeft, ondanks aanmaning, de facturen onbetaald gelaten, waardoor hij tevens buitengerechtelijke incassokosten en rente verschuldigd is.
Het verweer
[gedaagde] betwist de vordering. Hij voert aan dat hij geen overeenkomst met NEM heeft gesloten. Hij heeft ook nooit de tarieven van NEM ontvangen, die hem zouden worden toegestuurd. [gedaagde] betwist verder de buitengerechtelijke incassokosten.
De beoordeling
1. [gedaagde] heeft bij conclusie van dupliek nog producties in het geding gebracht. NEM heeft op die producties niet kunnen reageren. Aangezien die producties voor het beoordelen van deze zaak niet van belang zijn, zal NEM niet alsnog in de gelegenheid worden gesteld om op die producties te reageren.
2. Tegenover de betwisting door [gedaagde] dat hij een overeenkomst met NEM heeft gesloten, heeft NEM bij repliek haar vordering nader toegelicht en onderbouwd. NEM stelt dat zij met [gedaagde] telefonisch een overeenkomst heeft gesloten zoals blijkt uit de overgelegde voicelog. Bovendien is de overeenkomst schriftelijk aan [gedaagde] bevestigd, onder gelijktijdige toezending van de algemene voorwaarden, productvoorwaarden en het tarievenblad, aldus NEM. De kantonrechter overweegt hierover het volgende.
3. De volgens NEM telefonisch gesloten overeenkomst kan zonder nadere toelichting -die ontbreekt- niet uit de overgelegde voicelog worden afgeleid. Bovendien heeft NEM niet gesteld op welke datum, en tegen welke voorwaarden de overeenkomst met [gedaagde] is gesloten, zodat ook de essentialia van die vermeende overeenkomst niet zijn komen vast te staan. Van een mondelinge wilsovereenstemming is aldus geen sprake.
4. NEM stelt verder dat de telefonische overeenkomst schriftelijk aan [gedaagde] is bevestigd, zoals overigens dwingendrechtelijk is voorgeschreven. NEM laat evenwel achterwege om die schriftelijke bevestigingsbrief in het geding te brengen, zodat niet kan worden vastgesteld dat aan [gedaagde] een bevestiging is verstuurd van de telefonische afspraken. Op basis van de door NEM als productie 4 bij repliek overgelegde algemene voorwaarden, productvoorwaarden en tarievenblad kan niet worden vastgesteld dat deze aan [gedaagde] zijn verzonden. Evenmin volgt daaruit welke individuele afspraken NEM met [gedaagde] zou hebben gemaakt.
5. Uit het voorgaande volgt dat niet is komen vast te staan dat NEM en [gedaagde] een overeenkomst tot levering van gas en elektriciteit hebben gesloten. Dit betekent dat de vordering van NEM als ongegrond moet worden afgewezen.
6. De proceskosten komen voor rekening van NEM omdat deze in het ongelijk wordt gesteld. [gedaagde] heeft zich niet laten bijstaan door een professionele gemachtigde, zodat de kosten aan zijn kant worden begroot op nihil.
De beslissing
De kantonrechter:
- wijst de vordering af;
- veroordeelt NEM tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde] tot en met vandaag worden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.H. Dubois en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
Coll.