ECLI:NL:RBHAA:2012:BV8883
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke invoer van ruim 1,6 kilogram cocaïne via Schiphol
Op 10 december 2011 werd verdachte op Schiphol aangehouden met ruim 1,6 kilogram cocaïne verborgen in bonbons in zijn bagage. Verdachte ontkende opzettelijk betrokken te zijn bij het transport en stelde niet te weten dat hij drugs vervoerde. De rechtbank achtte deze verklaring ongeloofwaardig gezien de omvang van de hoeveelheid en de onwaarschijnlijke wijze van smokkelen via een onwetende koerier.
De rechtbank stelde vast dat verdachte verantwoordelijk is voor de inhoud van zijn bagage, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat hij niet bekend kon zijn met de inhoud. Dit was niet het geval. Verdachte gaf bovendien tegenstrijdige verklaringen over zijn verblijfadres en ticketgegevens, wat zijn geloofwaardigheid verder ondermijnde.
Het bewijs bestond uit douaneonderzoek, laboratoriumanalyse die bevestigde dat het materiaal cocaïne betrof, en verklaringen van verdachte. Gelet op de ernst van het feit en de hoeveelheid cocaïne, die bestemd moet zijn geweest voor handel, vond de rechtbank een gevangenisstraf van aanzienlijke duur passend.
De officier van justitie eiste 16 maanden, maar de rechtbank legde 15 maanden op, aansluitend bij vergelijkbare zaken. Het in beslag genomen geldbedrag van 570 euro werd aan verdachte teruggegeven omdat geen verband met het delict was vastgesteld.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Haarlem op 23 februari 2012.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf voor opzettelijke invoer van ruim 1,6 kilogram cocaïne.