ECLI:NL:RBHAA:2012:BW2283
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen verlaging uitkering wegens recidive niet gerechtvaardigd
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit van verweerder om zijn uitkering op grond van de Wet werk en bijstand met ingang van 1 maart 2012 en 1 april 2012 met 100% te verlagen vanwege vermeende recidive.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het standpunt van verweerder niet strookt met artikel 9, derde lid, van de Afstemmingsverordening Wwb, omdat er binnen twaalf maanden voorafgaand aan de maatregel van 1 april 2012 geen besluit is genomen waarbij een maatregel is opgelegd. De mededeling van een medewerkster tijdens een gesprek is geen schriftelijk besluit en kan daarom niet als zodanig worden aangemerkt.
Daarom heeft de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening toegewezen en de verlaging per 1 april 2012 geschorst tot zes weken na de beslissing op het bezwaar. Tevens is verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van het griffierecht.
De voorzieningenrechter adviseert verweerder om bij de bezwaarprocedure medisch advies in te winnen over de invloed van een impulscontrolestoornis bij verzoeker op de verwijtbaarheid van zijn gedragingen.
Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De voorlopige voorziening is toegewezen en de verlaging van de uitkering per 1 april 2012 geschorst.