ECLI:NL:RBHAA:2012:BW6160
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslagen en hypotheekrenteaftrek bij verkoop en levering van woning
Eiser kocht in 2003 een rijksmonumentale woning die verbrand was en verkocht deze op 31 december 2003 met een uitgestelde levering die uiteindelijk in 2006 plaatsvond. Verweerder legde navorderingsaanslagen op voor de jaren 2004 tot en met 2006 wegens onjuiste aftrek van hypotheekrente en legde daarbij boetes en heffingsrente op.
De rechtbank oordeelt dat de woning vanaf het moment van verkoop niet meer als eigen woning kon worden aangemerkt, omdat deze niet als hoofdverblijf diende en het gezin van eiser op andere adressen stond ingeschreven. De hypotheekrenteaftrek voor 2004 wordt daarom afgewezen. Voor 2005 ontbreekt een nieuw feit dat navordering rechtvaardigt, zodat de aanslag en boete voor dat jaar worden vernietigd. Het bezwaar tegen de navorderingsaanslag 2006 wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank vernietigt de boete voor 2004 omdat niet is bewezen dat eiser opzettelijk onjuiste informatie heeft verstrekt. De proceskosten worden toegewezen aan eiser met een forfaitaire vergoeding. De uitspraak bevestigt dat de hypotheekrente niet aftrekbaar is voor een woning die verkocht is maar nog niet als hoofdverblijf wordt gebruikt.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen 2004 en 2005 worden deels vernietigd, navordering 2006 ongegrond verklaard, hypotheekrenteaftrek afgewezen en boete 2004 vernietigd.