ECLI:NL:RBHAA:2012:BW8592
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslagen en beginselen van behoorlijk bestuur bij belastingheffing
De zaak betreft beroepen tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor de jaren 1997, 1998 en 2004, opgelegd door de Belastingdienst. Eisers betoogden dat de aanslagen niet tijdig waren opgelegd en dat de navorderingstermijn onrechtmatig was verlengd zonder hun instemming, wat in strijd zou zijn met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het zorgvuldigheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank stelde vast dat de navorderingsaanslagen tijdig waren vastgesteld en aan eisers bekendgemaakt. De inspecteur had de aanslagen op 31 december 2009 verzonden en gedeponeerd in de brievenbus op het juiste adres. Klachten over bezorging aan een buurman bleken niet op eisers zelf te slaan. Tevens was het niet verplicht voor de inspecteur om eisers om instemming te vragen voor verlenging van de navorderingstermijn, en er was geen sprake van ongerechtvaardigde ongelijke behandeling tussen belastingplichtigen.
De rechtbank verwierp ook het beroep op het beginsel van fair play wegens gebrek aan onderbouwing. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige belastingkamer van de rechtbank Haarlem op 25 mei 2012.
Uitkomst: De beroepen tegen de navorderingsaanslagen worden ongegrond verklaard.