ECLI:NL:RBHAA:2012:BW9346

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
18 juni 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
192809 / HA RK 12-63
Instantie
Rechtbank Haarlem
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring wrakingsverzoek tegen rechtbank wegens ontbreken specifieke rechters

Verzoeker heeft bij de rechtbank Haarlem een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechtbank in een bestuursrechtelijke belastingzaak. Hij stelde dat de rechtbank zijn verzoeken niet serieus zou behandelen, waardoor de onpartijdigheid van de feitenrechtspraak in het geding zou zijn.

De rechtbank beoordeelde het verzoek aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat bepaalt dat alleen individuele rechters kunnen worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden die de rechterlijke onpartijdigheid kunnen schaden. Uit het wrakingsverzoek en het dossier bleek echter niet dat verzoeker één of meer specifieke rechters had aangewezen die betrokken waren bij de zaak. Bovendien kan een griffier niet worden gewraakt.

Daarom werd het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard en werd het proces in de hoofdzaak voortgezet zoals het was ten tijde van het indienen van het verzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van specifieke rechters in het verzoek.

Uitspraak

beslissing
RECHTBANK HAARLEM
Wrakingskamer
zaaknummer: 192809 / HA RK 12-63
datum beslissing: 18 juni 2012
Op verzoek van:
[verzoeker],
wonende te ([postcode]) [plaats] aan [adres],
verzoeker.
1. Procesverloop
1.1 Bij schriftelijk verzoek van 24 april 2012 heeft verzoeker de wraking verzocht van de rechtbank in de bij deze rechtbank, sector bestuursrecht (belastingkamer), aanhangige zaak met zaaknummer 12/1391 GGH V00, hierna te noemen: de hoofdzaak.
1.2 Verzoeker is niet gehoord op zijn verzoek op grond van navolgende overwegingen.
2. Het standpunt van verzoeker.
2.1 Verzoeker heeft ter onderbouwing van zijn verzoek aangevoerd, dat de rechtbank een door hem gedaan verzoek niet afhandelt. De rechtbank zou verzoeker niet serieus behandelen door diens verzoeken te ontkennen, niet te behandelen en niet te beantwoorden. Daardoor zou er volgens verzoeker niet langer meer sprake zijn van een betrouwbare en een geloofwaardige onpartijdige en onafhankelijke feitenrechtspraak.
3. Beoordeling
3.1 Artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen kan worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2 Het voorgaande houdt in dat alleen rechters kunnen worden gewraakt, niet de rechtbank.
3.3 Verzoeker reageert met zijn wrakingsverzoek op een brief d.d. 20 april 2012 van de griffier van de zittingsadministratie van de belastingkamer, onder meer inhoudende dat verzoeker, na de ontvangst van een verweerschrift waarvan verzoeker een kopie werd toegestuurd, op de hoogte zou worden gehouden van de voortgang van de procedure.
3.4 Nu uit het wrakingsverzoek en ook overigens uit het wrakingsdossier niet kan worden opgemaakt dat verzoeker bij de indiening van zijn verzoek één of meer bepaalde rechters van de rechtbank op het oog heeft die bemoeienis met de zaak zou(den) hebben en een griffier niet kan worden gewraakt, kan verzoeker in zijn verzoekschrift niet worden ontvangen.
3.5 De rechtbank zal verzoeker dan ook niet ontvankelijk verklaren in zijn wrakingsverzoek.
4. Beslissing
De rechtbank:
4.1 verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek om wraking van de rechtbank;
4.2 beveelt de griffier onverwijld aan verzoeker en de wederpartij (de Gemeente Zaanstad, sector Belastingen, Postbus 2000, 1500 GA Zaandam) een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden;
4.3 beveelt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.E. Patijn, voorzitter, en mrs. M.J. Kronenberg en
K.I. de Jong, leden van de wrakingskamer, en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2012 in tegenwoordigheid van mr S.J. Giling als griffier.
Rechtsmiddel
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.