ECLI:NL:RBHAA:2012:BX4531

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
8 augustus 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
545065 / CV EXPL 12-1474
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • F.J.P. Veenhof
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:248 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging proefabonnement met stilzwijgende omzetting in jaarabonnement niet onredelijk

Ad Hoc Data B.V. vordert betaling van een jaarabonnement van Leo van der Lubbe Bouwonderneming B.V. nadat een proefabonnement stilzwijgend werd omgezet in een jaarabonnement. Van der Lubbe betwist dat een jaarabonnement is aangegaan en stelt slechts een proefabonnement te hebben afgesloten zonder expliciete instemming met een jaarabonnement.

De kantonrechter heeft het telefoongesprek tussen partijen beluisterd waarin duidelijk wordt dat Van der Lubbe geïnformeerd is over de noodzaak om binnen drie weken op te zeggen om omzetting te voorkomen. Van der Lubbe bevestigde dit en heeft niet tijdig opgezegd. Daarnaast is een e-mail gestuurd waarin dit nogmaals werd bevestigd.

De rechtbank oordeelt dat de werkwijze van Ad Hoc, waarbij het abonnement stilzwijgend wordt omgezet tenzij tijdig wordt opgezegd, niet onaanvaardbaar is volgens redelijkheid en billijkheid, zeker gezien Van der Lubbe als zakelijke partij wordt beschouwd. De gevorderde contractuele rente wordt afgewezen wegens gebrek aan overeenkomst, maar wettelijke rente wordt toegewezen. De buitengerechtelijke incassokosten worden gedeeltelijk toegewezen. Van der Lubbe wordt veroordeeld tot betaling van € 371,31 plus wettelijke rente en proceskosten.

Uitkomst: Van der Lubbe wordt veroordeeld tot betaling van € 371,31 plus wettelijke rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector kanton
Locatie Haarlem
zaak/rolnr.: 545065 / CV EXPL 12-1474
datum uitspraak: 8 augustus 2012
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER
inzake
de besloten vennootschap Ad Hoc Data B.V.
te Alphen aan den Rijn
eiseres
hierna te noemen Ad Hoc
gemachtigde M. van Doorn
tegen
de besloten vennootschap Leo van der Lubbe Bouwonderneming B.V.
statutair gevestigd te Velsen, kantoorhoudende te Velserbroek
gedaagde
hierna te noemen Van der Lubbe
gemachtigde mr. M.H.J. van Riessen
De procedure
Ad Hoc heeft van der Lubbe gedagvaard op 31 januari 2012. Van der Lubbe heeft schriftelijk geantwoord.
Nadat de kantonrechter had beslist dat de zaak zich niet leende voor een comparitie van partijen na antwoord, heeft Ad Hoc schriftelijk op het antwoord gereageerd, waarna van der Lubbe nog een schriftelijke reactie heeft gegeven.
Beide partijen hebben producties in het geding gebracht. Bovendien heeft Ad Hoc een usb-stick in het geding gebracht waarop het telefoongesprek is opgeslagen dat hierna nog zal worden genoemd.
De feiten
a. Op 11 juli 2011 heeft tussen Van der Lubbe en een medewerker van Ad Hoc een telefoongesprek plaatsgevonden.
b. In het telefoongesprek is gesproken over een jaarabonnement op een door Ad Hoc via internet ter beschikking gesteld gegevensbestand (Jaarabonnement Onlive Zakelijk).
c. Per e-mail bericht van 18 juli 2011 heeft Ad Hoc het volgende aan Van der Lubbe geschreven:
“Dank voor uw interesse in een proefabonnement op Ad Hoc Data. (…)
Het proefabonnement is 3 weken geldig. Als u het abonnement niet opzegt, zal het worden omgezet in een jaarabonnement à € 249,- excl. Btw per jaar.
Wenst u geen gebruik te maken van dit abonnement, dan verzoeken wij u vóór
1-8-2011 het proefabonnement op te zeggen. U kunt dit doen per mail: info@adhocdata-online.nl. Vermeld in de mail uw bedrijfsgegevens kenmerk 4121058 en het onderwerp “beëindiging abonnement”.
d. Bij factuur van 8 augustus 2011 heeft Ad Hoc voor de abonnementsperiode van augustus 2011 tot augustus 2012 € 296,31 aan Van der Lubbe in rekening gebracht.
e. Van der Lubbe heeft het bedrag van € 296,31 onbetaald gelaten.
De vordering
Ad Hoc vordert (samengevat) veroordeling van Van der Lubbe tot betaling van € 385,72, vermeerderd met de samengestelde overeengekomen rente ad 1,00% per maand.
Dit bedrag is opgebouwd uit de hoofdsom van € 296,31, de tot 23 januari 2012 berekende rente van € 14,41 en € 75,00 aan buitengerechtelijke incassokosten.
Ad Hoc legt aan de vordering ten grondslag dat Van der Lubbe dit bedrag verschuldigd is wegens het afsluiten van een jaarabonnement op “Online Zakelijk”. Ondanks diverse betalingsverzoeken en sommaties is Van der Lubbe niet tot betaling overgegaan.
Het verweer
Van der Lubbe betwist de vordering. Zij voert aan dat zij nimmer een jaarabonnement bij Ad Hoc is aangegaan. Mocht er sprake zijn van een overeenkomst dan is van der Lubbe slechts een overeenkomst met betrekking tot een proefabonnement van 3 weken aangegaan. Uit de door Ad Hoc overgelegde voicelog komt naar voren dat Van der Lubbe geen overeenkomst tot een jaarabonnement heeft willen sluiten en zich nergens toe heeft verbonden.
Niet duidelijk is of Van der Lubbe heeft begrepen dat zij moet opzeggen om te voorkomen dat zij vastzit aan een jaarabonnement of dat zij moet melden dat zij juist een jaarabonnement wil. Een bedrijf dat via telefonische acquisitie te werk gaat, moet meer doen om te bewijzen dat het wel te goeder trouw heeft gehandeld en dat er echt een overeenkomst is. Het risico van misverstanden of onduidelijkheden komt voor rekening van Ad Hoc
Met het e-mail bericht van 18 juli 2011 is sprake van de omgekeerde wereld.
Van der Lubbe blijft bij haar primaire stelling dat hij nooit heeft geopteerd voor een proefabonnement.
Ad Hoc verpakt het proefabonnement onder de term “overeenkomst met ontbindende voorwaarde”, echter Van der Lubbe is van oordeel dat er op zijn hoogst slechts sprake is van een overeenkomst om een proefabonnement te nemen van 3 weken en dat er pas een overeenkomst tot het sluiten van een jaarabonnement tot stand komt als Van der Lubbe expliciet aangeeft dat zij een jaarabonnement wil.
Deze vorm van het tot stand komen van een overeenkomst acht Van der Lubbe in strijd met het recht en met de redelijkheid en billijkheid, nu van haar verwacht wordt dat zij actie onderneemt omdat zij anders aan een overeenkomst vast zou zitten, terwijl het juist zou moeten zijn dat Van der Lubbe actie moet ondernemen als zij een jaarabonnement wil.
Het moet vereist worden gesteld dat bij een akkoord de schriftelijke opdrachtbevestiging ondertekend wordt teruggezonden.
De beoordeling
1. De kantonrechter heeft het opgenomen en door Ad Hoc overgelegde telefoongesprek tussen één van haar medewerkers en Van der Lubbe beluisterd. Duidelijk komt in het gesprek aan de orde dat Van der Lubbe, als zij geen jaarabonnement wil afsluiten bij Ad Hoc, dat binnen 3 weken na het afsluiten van het proefabonnement, aan Ad Hoc moet doorgeven. Van der Lubbe geeft hierop het bevestigende antwoord: “dan meld ik dat, prima”.
2. Op basis van het telefoongesprek is de kantonrechter van oordeel dat wel degelijk een proefabonnement is afgesloten.
3. Dit geldt temeer nu in het e-mail bericht van 18 juli 2011 (waarvan Van der Lubbe niet heeft gesteld dat zij dit bericht niet zou hebben ontvangen) de bevestiging van het proefabonnement wordt gemeld, terwijl gesteld noch gebleken is dat Van der Lubbe in reactie op dit e-mail bericht aan Ad Hoc heeft laten weten geen proefabonnement te wensen.
4. De volgende vraag die moet worden beantwoord is of het ontstaan van een jaarabonnement afhankelijk mocht worden gesteld van de van Van der Lubbe verlangde actie om te laten weten dat zij geen jaarabonnement wil. De kantonrechter beantwoordt die vraag bevestigend en overweegt daartoe het volgende.
5. Gelet op het bepaalde bij artikel 6:248 BW Pro moet sprake zijn van naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaarheid om te kunnen oordelen dat de door Ad Hoc gevolgde werkwijze niet door de beugel kan. Daarvan is naar het oordeel van de kantonrechter geen sprake. Ad Hoc heeft voldaan aan de eis dat aan Van der Lubbe duidelijk moest worden gemaakt welke actie van haar werd verwacht. Dat is in het telefoongesprek al duidelijk gemaakt, waarop Van der Lubbe heeft geantwoord dat zij dit prima vond en het zou melden als zij geen jaarabonnement wenste. Voorts heeft Ad Hoc die duidelijkheid nogmaals verschaft in het e-mail bericht van 18 juli 2012. Mede gelet op het feit dat van der Lubbe niet als consument maar als professionele deelnemer aan het handelsverkeer moet worden beschouwd, is deze gang van zaken toelaatbaar.
6. De rechtspraak waar Van der Lubbe zich op heeft beroepen is voor de beoordeling in deze niet relevant, omdat nu juist is komen vast te staan dat er wel sprake was van een overeenkomst voor een proefabonnement
7. De door Ad Hoc gevorderde contractuele rente van 1,00% per maand wordt afgewezen nu uit de stukken niet is gebleken dat deze rente tussen partijen overeen is gekomen. Wel is de wettelijke rente toewijsbaar, omdat Van der Lubbe in verzuim is gebleven.
8. Ad Hoc heeft € 75,00 aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd, waarbij zij stelt dat zij deze kosten daadwerkelijk heeft moeten maken en zich beroept op de tussen partijen geldende algemene voorwaarden, waarin deze kosten zijn gefixeerd op € 250,00. Ad Hoc heeft haar vordering evenwel beperkt tot het bedrag van € 75,00 dat volgens het rapport Voorwerk II verschuldigd. In deze procedure is voldoende gesteld of gebleken dat de door Ad Hoc verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal daarom worden toegewezen.
9. De proceskosten komen voor rekening van Van der Lubbe omdat deze in het ongelijk wordt gesteld.
De beslissing
De kantonrechter:
Veroordeelt Van der Lubbe om tegen behoorlijk bewijs van kwij¬ting aan Ad Hoc te betalen € 371,31, te ver¬meerderen met de wette¬lijke rente berekend over € 296,31 vanaf de vervaldatum van de factuur tot aan de dag der alge¬hele voldoening.
Veroordeelt van der Lubbe tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van Ad Hoc tot en met vandaag worden begroot op de volgende bedragen:
dagvaarding € 87,17
griffierecht € 109,00
salaris gemachtigde € 120,00
Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
Wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.P. Veenhof en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
Coll.