Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBHAA:2012:BX6659

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
3 augustus 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
AWB 12/3102
Instantie
Rechtbank Haarlem
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • A.C. Terwiel - Kuneman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening bij gezamenlijke huishouding in Wwb-uitkeringszaak

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (Wwb), welke door verweerder is afgewezen vanwege het voeren van een gezamenlijke huishouding met de moeder van zijn kind. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening.

Tijdens de zitting op 3 augustus 2012, waarbij verzoeker werd bijgestaan door zijn gemachtigde, heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat het hoofdverblijf van verzoeker bij de moeder van zijn kind is en dat er geen aanwijzingen zijn dat er geen sprake is van wederzijdse zorg. Dit betekent dat er sprake is van een gezamenlijke huishouding.

Gezien deze situatie is er geen grond om de Wwb-uitkering toe te kennen volgens de norm van een alleenstaande. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het bestaan van een gezamenlijke huishouding.

Uitspraak

RECHTBANK Haarlem
Sector bestuursrecht
zaaknummer: AWB 12/3102
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van
3 augustus 2012 in de zaak tussen
[naam verzoeker], te [woonplaats], verzoeker
(gemachtigde: mr. S. Singh),
en
het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer, verweerder
(gemachtigde: mr. E.A. Willems).
Procesverloop
Bij besluit van 30 mei 2012 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker om toekenning van een uitkering in het kader van de Wet werk en bijstand (Wwb) afgewezen, omdat verzoeker een gezamenlijke huishouding voert met [naam].
Verzoeker heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter voorts verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 3 augustus 2012. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door mr. J. Singh als zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Overwegingen
1. De voorzieningenrechter geeft hiervoor de volgende motivering.
2. In het geval van verzoeker is sprake van hoofdverblijf bij de moeder van zijn kind. Er is nog geen begin van aannemelijkheid dat in dit geval geen sprake zou zijn van wederzijdse zorg.
3. Bij deze stand van zaken mag verweerder ervan uitgaan dat er sprake is van wederzijdse zorg en dus ook van een gezamenlijke huishouding. Hierdoor is er geen plaats voor een Wwb-uitkering ten behoeve van verzoeker naar de norm van een alleenstaande.
4. Gelet hierop wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C. Terwiel - Kuneman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van P.M. van der Pol, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 augustus 2012.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.