ECLI:NL:RBHAA:2012:BX7238
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en toepasselijk recht bij geschil exclusieve distributieovereenkomst met arbitrageclausule
In deze zaak staat een geschil centraal over de beëindiging van een exclusieve distributieovereenkomst tussen Martinshof B.V. en het Zwitserse bedrijf Raymond Weil S.A. De overeenkomst bevat een arbitrageclausule die bepaalt dat geschillen voor een Zwitsers scheidsgerecht komen en dat Zwitsers recht van toepassing is. Martinshof vordert onder meer nakoming van de overeenkomst, een verbod op het aanstellen van een nieuwe distributeur en betaling van een voorschot op schadevergoeding.
De voorzieningenrechter oordeelt dat vanwege de arbitrageclausule en de rechtskeuze voor Zwitsers recht de Nederlandse rechter slechts bevoegd is tot het treffen van voorlopige maatregelen op grond van artikel 24 EEX Pro. De gevorderde betaling van een voorschot op schadevergoeding kwalificeert niet als een voorlopige maatregel omdat niet is voldaan aan de voorwaarden uit het Van Uden/Deco-arrest, zoals het geven van een garantie voor terugbetaling en het aantonen dat vermogensbestanddelen van de gedaagde zich in Nederland bevinden.
Verder wordt geoordeeld dat Martinshof geen spoedeisend belang heeft bij nakoming van de overeenkomst, mede omdat zij ruim tweeënhalve maand na de opzegging geen actie heeft ondernomen en de overeenkomst sowieso zou eindigen per 31 maart 2013. De vorderingen van Martinshof worden daarom afgewezen. Raymond Weil krijgt wel gelijk in haar vordering tot het verkrijgen van een volledige opgave van de voorraad Raymond Weil-artikelen bij Martinshof, zodat zij kan beoordelen of zij gebruik wil maken van haar terugkooprecht.
De proceskosten worden Martinshof opgelegd, terwijl de kosten tussen partijen in reconventie worden gecompenseerd. De voorzieningenrechter wijst verder de overige gevorderde voorzieningen af en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd ten aanzien van de vordering tot betaling van een voorschot op schadevergoeding en wijst de overige vorderingen van Martinshof af, behalve de vordering tot verstrekking van een volledige voorraadlijst aan Raymond Weil.