ECLI:NL:RBHAA:2012:BY3600
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 7 jaar gevangenisstraf voor moord op verzorgde zuster met verminderd toerekeningsvatbaarheid
Op 12 juni 2011 heeft de verdachte haar 49-jarige zuster in Purmerend door wurging met een veter om het leven gebracht. De verdachte heeft dit bekend, maar wilde geen verklaring geven over haar motief. Het Pieter Baan Centrum bracht een psychologisch en psychiatrisch rapport uit, waaruit bleek dat de verdachte leed aan een persoonlijkheidsstoornis met afhankelijke en ontwijkende trekken en een langdurige overbelasting door intensieve zorg voor familieleden.
De rechtbank achtte bewezen dat de verdachte met voorbedachten rade handelde en veroordeelde haar voor moord. Hoewel de deskundigen adviseerden om terbeschikkingstelling met dwangverpleging (TBS) op te leggen vanwege een hoog recidiverisico bij hernieuwde zorg voor familieleden, volgde de rechtbank dit advies niet. De rechtbank achtte het risico op herhaling onvoldoende aannemelijk en vond behandeling niet zinvol gezien de houding van de verdachte.
De rechtbank nam mee dat de verdachte het slachtoffer het hoogste goed ontnam en daarmee onherstelbaar leed aan de familie bracht. Gelet op de persoonlijkheidsstoornis achtte de rechtbank de verdachte verminderd toerekeningsvatbaar. De straf werd vastgesteld op 7 jaar gevangenisstraf, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf voor moord met verminderd toerekeningsvatbaarheid zonder oplegging van TBS.