ECLI:NL:RBLEE:1999:AA3919
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.E.M. Daan-van Brink
- B. Klaassens
- A.J. Rietveld
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak primair en werkstraf voor medeplegen vervoer van bijna 20.000 kg hashish op vissersschip
De rechtbank Leeuwarden behandelde op 27 juli 1999 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het vervoeren van bijna 20.000 kilogram hashish aan boord van een Nederlands vissersschip buiten de Nederlandse territoriale wateren. De primaire tenlastelegging werd niet bewezen verklaard, waarna verdachte daarvan werd vrijgesproken.
Subsidiair werd bewezen verklaard dat verdachte medepleegde in strijd met de Opiumwet door het opzettelijk vervoeren van de drugs. Verdachte werd strafbaar verklaard en veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf maanden, waarvan de uitvoering werd opgeschort onder voorwaarden, en een werkstraf van 210 uur opgelegd als vervanging van de onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
De verdediging voerde verweren aan tegen het bewijs wegens het ontbreken van een machtiging tot binnentreden en overmacht, maar deze werden door de rechtbank verworpen. De rechtbank oordeelde dat de entering rechtmatig was en dat verdachte niet onder dwang handelde, mede gelet op zijn hulp bij het overladen van de drugs.
Daarnaast werd het vissersschip, dat werd gebruikt bij het plegen van het feit, verbeurd verklaard tot een waarde van 50.000 gulden. De rechtbank hield rekening met het blanco strafblad van verdachte en zijn aanbod tot het verrichten van onbetaalde arbeid bij de strafoplegging.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een werkstraf van 210 uur en voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden voor medeplegen van vervoer van hashish.