ECLI:NL:RBLEE:1999:AA3920
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.E.M. Daan-van Brink
- B. Klaassens
- A.J. Rietveld
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en werkstraf voor medeplegen vervoer van bijna twintigduizend kilo hashish op vissersschip
De rechtbank Leeuwarden behandelde op 27 juli 1999 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het medeplegen van het opzettelijk vervoeren van ongeveer 19188 kilogram hashish aan boord van een Nederlands vissersvaartuig op de Noordzee.
Verdachte werd primair vrijgesproken omdat de rechtbank het primair ten laste gelegde niet bewezen achtte. Subsidiair werd bewezen verklaard dat verdachte samen met anderen het verboden middel hashish vervoerde, in strijd met artikel 3, onder B, van de Opiumwet. Het verweer van overmacht werd verworpen omdat verdachte hulpvaardig was bij het overladen van de pakketten en niet aannemelijk was dat hij onder bedreiging stond.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 5 maanden op, waarvan de tenuitvoerlegging werd opgeschort onder voorwaarden, en verving deze door een werkstraf van 210 uur. Tevens werd het vissersvaartuig, dat mede toebehoorde aan verdachte, verbeurd verklaard tot een bedrag van 50.000 gulden. De straf en maatregelen hielden rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden, en het blanco strafblad van verdachte.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van primair ten laste gelegde en veroordeeld tot een werkstraf van 210 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 5 maanden voor medeplegen vervoer van hashish.