ECLI:NL:RBLEE:2000:AA5200
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- O. Anjewierden
- L.A.D. Lindenbergh
- I.M. Dölle
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige hechtenis wegens ontbreken ernstige bezwaren
De rechtbank Leeuwarden heeft op 20 maart 2000 in een meervoudige kamer de voortzetting van de voorlopige hechtenis van verdachte beoordeeld. Verdachte verbleef sinds 8 oktober 1999 in voorlopige hechtenis, die laatstelijk was verlengd op 15 december 1999. De raadsman van verdachte verzocht schriftelijk om opheffing van het bevel tot voorlopige hechtenis dan wel schorsing daarvan.
De rechtbank nam bij haar beoordeling de duur van de detentie mee en het feit dat sinds de schorsing van het onderzoek op 19 januari 2000 geen nieuwe feiten of omstandigheden waren opgedoken. Gezien de aard en de complexiteit van de zaak achtte de rechtbank het noodzakelijk het feitenmateriaal aan een zwaardere toets te onderwerpen.
Uiteindelijk oordeelde de rechtbank dat er geen ernstige bezwaren meer aanwezig waren die de voortzetting van de voorlopige hechtenis rechtvaardigden. Daarom werd het bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven en werd verdachte onmiddellijk in vrijheid gesteld.
Uitkomst: De rechtbank heft de voorlopige hechtenis op en stelt verdachte onmiddellijk in vrijheid.