ECLI:NL:RBLEE:2000:AA5737
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken vergunningplicht voor historisch busvervoer zonder commerciële vergoeding
De verdachte werd vervolgd wegens het verrichten van besloten busvervoer zonder vergunning, in strijd met artikel 5 van Pro de Wet personenvervoer (WP). Het betrof vervoer van hotelgasten van en naar de veerboot met een historische Bedford bus uit 1953.
De verdediging voerde aan dat het vervoer viel onder de uitzonderingsbepaling van artikel 2, lid 2 WP juncto artikel 3, onder g, van het Besluit personenvervoer, omdat de bus deel uitmaakt van een historische verzameling en het vervoer niet commercieel van aard is. De verdachte vroeg geen vergoeding voor het vervoer en het was een nevenactiviteit naast de hoofdactiviteit van het hotel.
De economische politierechter oordeelde dat de bus inderdaad als onderdeel van een historische verzameling wordt gebruikt en dat het vervoer niet commercieel was, mede gelet op de wetsgeschiedenis waarin nevenactiviteiten ten behoeve van een hoofdactiviteit die niet uit vervoer bestaat, niet als commercieel vervoer worden beschouwd.
Daarom werd verklaard dat de ten laste gelegde feiten niet bewezen zijn en werd verdachte vrijgesproken van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat het vervoer met de historische bus zonder vergoeding en als nevenactiviteit plaatsvond, waardoor geen vergunningplicht bestond.