ECLI:NL:RBLEE:2000:AA6073
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging voorlopige alimentatievoorzieningen
De man verzocht de rechtbank Leeuwarden om wijziging van de voorlopige voorzieningen waarbij hij was veroordeeld tot een maandelijkse alimentatiebetaling aan de vrouw van 4.500 gulden. Hij stelde dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn huidige financiële positie. De vrouw heeft geen verweerschrift ingediend.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 824 Rv Pro alleen wijziging van voorlopige voorzieningen mogelijk is bij zeer sprekende gevallen van gewijzigde omstandigheden of onjuiste gegevens. De man kon niet aantonen dat zich zodanige wijzigingen hadden voorgedaan; zijn aangevoerde feiten waren grotendeels herhalingen van eerdere stellingen en de nieuwe stukken verschilden niet wezenlijk van eerdere gegevens.
De rechtbank merkte op dat het verzoek feitelijk neerkomt op een appel tegen de eerdere beschikking, wat de wetgever uitdrukkelijk heeft willen beperken. Daarnaast wees de rechtbank op de rechtspraak van de Hoge Raad dat draagkracht kan worden vastgesteld op basis van feitelijke privé-onttrekkingen over een aantal jaren. Gezien deze overwegingen werd het verzoek van de man afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot wijziging van de voorlopige alimentatievoorzieningen wordt afgewezen.