ECLI:NL:RBLEE:2001:AA9701
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangbevel voor betaling verbeurde dwangsommen wegens permanente bewoning recreatiewoning
Opposant heeft verzet ingesteld tegen een dwangbevel van de gemeente Ooststellingwerf tot betaling van verbeurde dwangsommen wegens permanente bewoning van een recreatiewoning in strijd met het bestemmingsplan.
De dwangsombeschikking was eerder vastgesteld en onherroepelijk verklaard door de bestuursrechter en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Opposant stelde dat het dwangbevel niet geldig was omdat voorafgaande betekening van de dwangsombeschikking ontbrak en dat de gemeente buiten de bezwaargronden was getreden door de dwangsomhoogte en begunstigingstermijn te wijzigen.
De rechtbank oordeelde dat betekening van het dwangsombesluit niet vereist is alvorens een dwangbevel uit te vaardigen en dat de gemeente binnen de wettelijke termijnen handelde. Het beroep op verjaring faalde omdat de invordering binnen zes maanden na verbeurdverklaring plaatsvond.
De rechtbank verklaarde het verzet ongegrond en veroordeelde opposant in de kosten van het geding.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel wordt ongegrond verklaard en opposant wordt veroordeeld in de proceskosten.