ECLI:NL:RBLEE:2001:AB1935
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Curator niet-ontvankelijk in vordering tegen Staat wegens onrechtmatige beslaglegging
De curator in het faillissement van de failliet vordert schadevergoeding van de Staat wegens onrechtmatige beslaglegging door de Belastingdienst voor een bedrag dat later aanzienlijk werd verminderd. De beslaglegging zou de failliet hebben gedwongen tot faillissementsaanvraag.
De Staat voert verweer dat de curator niet de Staat, maar de ontvanger van de Belastingdienst had moeten dagvaarden, op grond van artikel 3 lid 3 van Pro de Invorderingswet 1990. De curator betwist dit, stellende dat de ontvanger geen rechtspersoonlijkheid heeft en dus niet zelfstandig kan worden gedagvaard.
De rechtbank oordeelt dat de ontvanger wel degelijk zelfstandig procesbevoegdheid heeft en dat uitsluitend de ontvanger kan worden gedagvaard in geschillen voortvloeiende uit de uitoefening van zijn taak. Hierdoor is de curator niet-ontvankelijk in zijn vordering tegen de Staat. De curator wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De curator is niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering tegen de Staat en veroordeeld in de proceskosten.