ECLI:NL:RBLEE:2002:AE1435
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- W.K.F. Hangelbroek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen Trost Group wegens onvoldoende specificatie en ontbreken overeenstemming exclusiviteit en productie
In deze zaak vorderde Trost Group Belgium en Trost Group B.V. (Trost c.s.) nakoming van exclusiviteits- en best effort bepalingen uit overeenkomsten met Sara Lee/DE en aanverwante vennootschappen (Sara Lee c.s.). Trost c.s. stelde dat Sara Lee/DE inbreuk maakte op exclusiviteitsrechten en onvoldoende inspanningen leverde om productie over te hevelen naar Trost c.s., wat leidde tot omzetdaling en grote voorraden bij Trost.
De rechtbank oordeelde dat de exclusiviteitsbepaling onvoldoende gespecificeerd was, met name omdat de omvang van exclusiviteit niet eenduidig uit de Manufacturing Agreement bleek en overeenstemming over nieuwe producten ontbrak. De best effort verplichting uit de Asset Purchase Agreement bevatte bovendien een aanvullende voorwaarde dat overheveling economisch en juridisch haalbaar moest zijn, wat Sara Lee c.s. terecht als grond voerden om niet volledig over te hevelen.
Verder werd geoordeeld dat het zogenaamde "agreement" van 13 maart 2002, waarop Trost c.s. hun vordering tot nakoming van order- en inkoopprocedures baseerden, niet door Sara Lee/DE was ondertekend en geen rechtsgrond bood. De vordering tot overname van "obsolete stock" werd eveneens afgewezen omdat deze was gebaseerd op het niet-ondertekende "agreement".
Ten slotte vond de rechtbank onvoldoende spoedeisend belang bij de vorderingen en veroordeelde zij Trost c.s. hoofdelijk in de proceskosten. De vorderingen werden derhalve afgewezen.
Uitkomst: De vorderingen van Trost Group worden afgewezen en Trost Group wordt veroordeeld in de proceskosten.