ECLI:NL:RBLEE:2002:AE6372
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fictieve opzegtermijn voor WW-uitkering na ontbinding arbeidsovereenkomst
Eiser, sinds 1976 werkzaam bij KPN, kreeg zijn arbeidsovereenkomst op verzoek van de werkgever ontbonden met toekenning van een schadevergoeding. Verweerder stelde de fictieve opzegtermijn vast op vijf maanden, gebaseerd op de CAO en wettelijke regels, en weigerde WW-uitkering over deze periode.
Eiser stelde dat de opzegtermijn volgens het Burgerlijk Wetboek vier maanden zou moeten zijn, maar de rechtbank oordeelde dat de CAO de termijn schriftelijk heeft verlengd tot zes maanden, waaruit na verkorting een termijn van vijf maanden volgt. De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep en verwierp het beroep.
De rechtbank concludeerde dat de vaststelling van de fictieve opzegtermijn door verweerder juist was en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de fictieve opzegtermijn is correct vastgesteld op vijf maanden.