ECLI:NL:RBLEE:2003:AF4034
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.Tj. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens onterechte diefstalbeschuldiging en toekenning billijke vergoeding
De werknemer, sinds 1972 in dienst als installatiemedewerker, werd onterecht beschuldigd van diefstal van antieke tegels tijdens werkzaamheden bij een opdrachtgever. Hoewel de opdrachtgever de beschuldiging introk, bleef de werkgever de verdenking impliciet leggen. De werknemer stelde zich onder medische behandeling en stopte met werken.
De werknemer verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van gewichtige redenen en een vergoeding van €135.000 wegens het verwijtbare handelen van de werkgever. De werkgever gaf toe de tegels meegenomen te hebben maar ontkende de werknemer beschuldigd te hebben en stelde dat de werknemer het contact had geweigerd.
De kantonrechter achtte bewezen dat de werkgever de verdenking op de werknemer heeft gelegd en dat het vertrouwen daardoor was geschaad. De werknemer wilde niet meer terugkeren, wat een zodanige verandering in omstandigheden vormde dat ontbinding gerechtvaardigd was. De kantonrechter kende een billijke vergoeding van €126.000 toe, rekening houdend met het langdurige dienstverband en het verwijt aan de werkgever. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Arbeidsovereenkomst ontbonden en werknemer toegekend een bruto vergoeding van €126.000.