ECLI:NL:RBLEE:2003:AO2885
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- W.K.F. Hangelbroek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot gebod op beroep verschoningsrecht advocaat tijdens getuigenverhoor
In deze kortgedingprocedure vordert eiser dat de advocaat zich tijdens een getuigenverhoor in een andere procedure verplicht zou moeten beroepen op zijn verschoningsrecht met betrekking tot een telefoongesprek tussen partijen. Eiser stelt dat de advocaat geheimhoudingsplicht heeft en daarom geen informatie mag verstrekken over het gesprek.
De advocaat betwist dit en stelt dat hij bevoegd is om over feiten te verklaren die hij kent, en dat het aan hem is om per vraag te bepalen of hij zich op het verschoningsrecht beroept. De voorzieningenrechter gaat ervan uit dat de advocaat mogelijk als zodanig werd beschouwd tijdens het gesprek, maar oordeelt dat de geheimhoudingsplicht niet absoluut is en dat het belang van waarheidsvinding kan prevaleren.
De rechter beslist dat het aan de advocaat zelf is om tijdens het getuigenverhoor te bepalen of hij antwoord geeft of zich beroept op het verschoningsrecht. Een voorafgaand gebod kan niet worden opgelegd. De vordering wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot het opleggen van een gebod op het beroep op het verschoningsrecht wordt afgewezen.