ECLI:NL:RBLEE:2004:AR6471
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing Rechtspositiebesluit op fictief dienstverband gemeenteraadsleden
Eiser, gemeenteraadslid te Sneek, maakte bezwaar tegen de onkostenvergoeding die volgens het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden wordt toegekend. Hij had niet gekozen voor het fictief dienstverband, waardoor hij een lagere onkostenvergoeding ontving dan raadsleden die wel hadden gekozen voor deze regeling. Eiser stelde dat het onderscheid onrechtmatig was omdat aan het raadslidmaatschap geen gezagsverhouding ten grondslag ligt en dit onderscheid in strijd zou zijn met arbeidsrecht en discriminatieverboden.
De rechtbank overwoog dat het Rechtspositiebesluit de mogelijkheid biedt om op vrijwillige basis te kiezen voor een fictief dienstverband, wat fiscale gevolgen heeft maar geen arbeidsrechtelijke. Het begrip arbeidsverhouding is ruimer dan dienstbetrekking en omvat ook situaties zonder gezagsverhouding, zoals bij raadsleden. Het onderscheid in onkostenvergoeding is gebaseerd op deze fiscale keuze en vormt geen verboden discriminatie volgens internationale verdragen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en veroordeelde de gemeente Sneek tot vergoeding van proceskosten aan eiser. Het vonnis bevestigt dat het Rechtspositiebesluit rechtsgeldig is en dat het onderscheid in vergoedingen tussen raadsleden met en zonder fictief dienstverband gerechtvaardigd is.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de gemeente Sneek wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.