ECLI:NL:RBLEE:2005:AU6447
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Kort geding over beëindiging huurovereenkomst woonruimte buitenlandse student
In deze zaak stond de vraag centraal of een huurovereenkomst voor woonruimte aan een buitenlandse student tussentijds kon worden beëindigd door verhuurder Woonbedrijf vanwege het laten verblijven van derden in de gehuurde kamer.
De huurovereenkomst betrof een gemeubileerde kamer aan de Rengerslaan te Leeuwarden, bestemd voor buitenlandse studenten met een huurperiode van 16 augustus 2005 tot 31 augustus 2006. De overeenkomst werd gekwalificeerd als een overeenkomst van korte duur ex artikel 7:232 lid 2 BW Pro. Woonbedrijf stelde dat de huurovereenkomst kon worden beëindigd wegens overtreding van het verbod om derden in de kamer te laten wonen of overnachten.
De kantonrechter oordeelde dat het laten overnachten van derden niet gelijkstaat aan wonen en dat de enkele aanwezigheid van een extra bed en koffers onvoldoende bewijs vormde voor permanent verblijf. De onmiddellijke beëindiging van de huurovereenkomst werd daarom als te zwaar en onredelijk beoordeeld. Wel mocht Woonbedrijf een waarschuwing geven en bij herhaling beëindiging in het vooruitzicht stellen. De vordering van eiser om terugkeer in de woning werd toegewezen, terwijl de overige vorderingen werden afgewezen of aangehouden.
Uitkomst: Woonbedrijf moet eiser binnen 24 uur terug laten keren in de gehuurde woonruimte, onder dreiging van een dwangsom.