ECLI:NL:RBLEE:2006:AY8865
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over korting WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid
Eiser was in dienst bij een gordijnenatelier en kreeg na afloop van zijn contract geen verlenging. Het UWV weigerde hem een volledige WW-uitkering omdat hij zijn passende arbeid niet zou hebben behouden door verwijtbaar gedrag. Het bezwaar leidde tot een gedeeltelijke korting van 35% gedurende 26 weken. De rechtbank oordeelt dat het UWV de hoorplicht heeft geschonden door belangrijke informatie uit een telefoongesprek met de werkgever niet aan eiser mee te delen en hem niet te horen over deze nieuwe feiten.
Daarnaast is onduidelijk op welke wettelijke grondslag de korting is gebaseerd, wat strijdig is met de Awb. De rechtbank stelt vast dat eiser inderdaad opdrachten en instructies van leidinggevenden heeft genegeerd en een agressieve houding aannam, maar dat dit mede te wijten is aan zijn culturele achtergrond en taalbarrière. Hierdoor kan het verwijt niet volledig op eiser worden gelegd.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit vanwege procedurele fouten, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het verwijtbaar handelen van eiser voldoende is vastgesteld. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens schending van de hoorplicht en onduidelijkheid over de wettelijke grondslag, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.