ECLI:NL:RBLEE:2007:AZ5824
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor mensenhandel door misbruik van overwicht en uitbuiting prostitutie
De rechtbank Leeuwarden behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van mensenhandel. De tenlastelegging omvatte gedragingen gepleegd in Nederland en in het buitenland. De rechtbank oordeelde dat de gedragingen buiten Nederland zelfstandige feiten zijn en verklaarde de officier van justitie niet-ontvankelijk voor die onderdelen.
Van de resterende feiten werd verdachte vrijgesproken voor het onder 4. tenlastegelegde deel, omdat onvoldoende bewijs was. Voor de overige feiten, waaronder het misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht om vrouwen te dwingen tot prostitutie en het trekken van voordeel uit hun seksuele handelingen, achtte de rechtbank verdachte schuldig.
De slachtoffers waren jonge vrouwen uit Letland die door verdachte werden uitgebuit: zij moesten al hun inkomsten afdragen, werden bedreigd, gecontroleerd en afhankelijk gehouden. De rechtbank verwierp het verweer dat verklaringen van een slachtoffer onbetrouwbaar waren en oordeelde dat het ondervragingsrecht niet was geschonden.
Gezien de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd en het ontbreken van strafuitsluitingsgronden, legde de rechtbank een gevangenisstraf van twintig maanden op. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot twintig maanden gevangenisstraf wegens mensenhandel en uitbuiting van prostitutie.