ECLI:NL:RBLEE:2007:BB3509
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen ontslag lid College van Bestuur wegens verstoorde samenwerking
Verzoekster is lid van het College van Bestuur (CvB) van een scholengemeenschap en wordt geconfronteerd met een ontslagbesluit wegens een duurzaam ontwrichte samenwerking met de voorzitter van het CvB. Na een extern onderzoek door Price Waterhouse Coopers is geconcludeerd dat het conflict niet oplosbaar is en dat verzoekster onvoldoende bestuurlijke capaciteiten heeft en weinig draagvlak bij collega’s geniet.
Verzoekster betwist de rechtmatigheid van het ontslagbesluit onder meer vanwege vermeende onbevoegdheid van de Raad van Toezicht, het ontbreken van een geldige cao en het niet naleven van medezeggenschapsregels. Tevens bestrijdt zij de conclusies van het onderzoek en stelt dat het conflict niet haar schuld is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de Raad van Toezicht bevoegd was en dat het ontbreken van een nieuwe cao de rechtmatigheid niet aantast. De medezeggenschapsraad heeft advies uitgebracht, maar verzoekster kan dit niet aanvechten. Hoewel verzoekster bestuurlijke tekortkomingen niet eerder zijn besproken, is duidelijk dat de samenwerking met de voorzitter niet meer mogelijk is.
De werkgever heeft beoordelingsruimte bij het kiezen van wie ontslagen wordt en het is billijk dat verzoekster het ontslag treft. Wel dient verweerder haar tegemoet te komen in de financiële gevolgen, wat in de bezwaarfase zal worden behandeld. De voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het ontslagbesluit stand kan houden.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het ontslagbesluit wordt afgewezen.